Hoe voelt de Huawei CLI aan? (VRP in de praktijk)
Als je voor het eerst inlogt op een Huawei-router of -switch, voelt de CLI (Command Line Interface) een beetje alsof je een technische cockpit instapt. Niet omdat het “vaag” is, maar omdat je meteen merkt: dit is gemaakt voor professionals. Je typt commando’s, krijgt direct feedback, en je hebt veel controle. Tegelijk is het verrassend logisch opgebouwd.
Huawei gebruikt meestal VRP (Versatile Routing Platform) als besturingssysteem. De CLI daarvan is strak, consistent en gericht op het beheren van netwerken op schaal: van één switch tot complete provider-netwerken.
De eerste indruk: “clean”, zakelijk en direct
De Huawei CLI voelt in het begin vrij “netjes”. Je krijgt vaak een prompt die je vertelt in welke modus je zit. Je merkt al snel dat VRP houdt van duidelijke stappen: eerst kijken, dan naar configuratie, dan pas veranderen.
Wat veel mensen prettig vinden: de output is meestal overzichtelijk. Geen onnodige ruis, wel precies genoeg informatie om te snappen wat er gebeurt. Het voelt daardoor alsof je met een serieus netwerkplatform werkt, niet met een “hobby-interface”.
De CLI werkt met “modi” (en dat voelt logisch)
Huawei gebruikt verschillende modi om het verschil te maken tussen: kijken, globaal configureren en iets specifieks aanpassen (zoals een interface of VLAN).
In de praktijk voelt dat alsof je steeds een stap dieper het apparaat in gaat. Je start breed en eindigt heel gericht. Dat geeft structuur, zeker als je grote configuraties beheert.
Veel voorkomende “lagen” in de beleving:
- User view: basiscommando’s, vooral om te kijken
- System view: hier doe je de echte configuratie
- Interface view: instellingen per poort of uplink
- Protocol view: bijvoorbeeld OSPF/BGP/IS-IS instellingen
Het voelt een beetje als een menustructuur, maar dan zonder muis. En als je eenmaal doorhebt waar je bent, wordt het sneller dan klikken.
“Display” is jouw beste vriend
Waar Cisco vaak “show” gebruikt, gebruikt Huawei meestal display. En dat is meteen een groot deel van de Huawei CLI-beleving: je kijkt constant naar de huidige situatie voordat je iets verandert.
Dat maakt VRP prettig voor troubleshooting. Je hebt het gevoel dat je het netwerk “in beeld” krijgt. Vooral als je leert welke display-commando’s veel opleveren, voelt het alsof je met zaklampen door het netwerk loopt:
- status van interfaces
- routing tabellen
- MAC- en ARP-tabellen
- VLAN-overzichten
- logs en alarms
De CLI moedigt je aan om eerst te begrijpen wat er is, en daarna pas te tunen. Dat voelt veilig, zeker in productieomgevingen.
Configureren voelt “gestructureerd” en wat formeler
Huawei configuratie voelt vaak iets formeler dan sommige andere vendors. Je zet dingen expliciet aan of uit, je gaat netjes naar de juiste view, en je past daar de regels toe.
Dat klinkt traag, maar in de praktijk maakt het de configuratie juist netjes. Je bouwt je config in blokken: interfaces bij interfaces, VLAN’s bij VLAN’s, routing bij routing. Als je later terugkomt in de configuratie, is het goed te lezen.
Wat ook fijn is: het “mentale model” blijft meestal hetzelfde. Als je eenmaal snapt hoe je een interface configureert, werkt het voor veel soorten interfaces op vergelijkbare wijze. Dat geeft vertrouwen.
De CLI geeft je het gevoel van controle
Een opvallend gevoel bij Huawei CLI is: controle. Je ziet precies wat je doet, je zet instellingen bewust, en je kunt vrij diep de details in.
Bij grotere netwerken is dat belangrijk. Je wil kunnen sturen op stabiliteit, redundantie, performance en security. De CLI voelt alsof hij daarvoor ontworpen is: niet alleen “het werkt”, maar “het werkt zoals jij het definieert”.
Het is wennen aan de “Huawei-manier van woorden”
Als je uit een Cisco-wereld komt (of MikroTik, Juniper, etc.), dan is Huawei in het begin vooral wennen aan terminologie. Niet omdat het moeilijk is, maar omdat het nét anders heet.
Voorbeeld van het gevoel: je weet wat je wil doen, maar je moet even leren hoe Huawei het noemt. Zodra dat kwartje valt, gaat het heel snel. Je bouwt een soort vertaalboek in je hoofd op:
- “show” wordt “display”
- je werkt veel via “views” (system/interface/protocol)
- sommige functies hebben Huawei-specifieke namen of afkortingen
Dit is normaal. Elke vendor heeft een eigen “dialect”. Huawei is alleen wat duidelijker in structuur, waardoor het daarna prettig werkt.
Autocompletion en help: je leert sneller dan je denkt
Een CLI voelt pas echt fijn als je niet alles hoeft te onthouden. Huawei helpt je daar goed bij. Je merkt snel dat je met een paar letters al opties krijgt, en dat je via help/aanvulling jezelf door commando’s heen kunt leiden.
Hierdoor voelt leren minder als “stampen” en meer als “navigeren”. In het begin kijk je veel op, maar na een tijdje typ je bijna automatisch.
Dit is precies waarom engineers vaak van CLI houden: je handen leren het ritme, en je hoofd begrijpt de structuur.
Fouten voelen “duidelijk” (en dat is goed)
Je gaat fouten maken. Dat hoort erbij. Het verschil is: bij Huawei voelt een fout meestal duidelijk. Je krijgt vaak direct te zien dat iets niet kan in de huidige view, of dat een commando niet klopt, of dat er een parameter mist.
Daardoor voelt troubleshoot in de CLI minder frustrerend dan bij systemen die vage meldingen geven. Je leert: “oké, ik zit in de verkeerde modus” of “ik moet eerst X instellen voordat Y kan”.
Dit maakt de CLI uiteindelijk “opvoedend”: hij dwingt je om netjes te werken.
De Huawei CLI is gebouwd voor schaal
Als je met kleine netwerken werkt, lijkt het misschien “veel”. Maar zodra je grotere omgevingen hebt, snap je waarom het zo is.
Huawei is sterk in omgevingen waar je te maken hebt met:
- veel VLAN’s en trunk-uplinks
- redundantie (bijv. stack/cluster/HA concepten)
- routing op meerdere lagen (campus + core + datacenter)
- provider-achtige configuraties met BGP/IS-IS/MPLS
- strakke security-eisen
En daar voelt de CLI thuis. Alsof je een gereedschapskist hebt met professionele tools. Niet per se “simpel”, maar wel betrouwbaar en consistent.
Voor beginners: zo voelt de leercurve
De leercurve van Huawei CLI voelt vaak zo:
- Dag 1–2: “Waar ben ik? Waarom moet ik steeds naar system view?”
- Week 1: “Oké, display/snippets beginnen logisch te worden.”
- Week 2–3: “Ik kan nu interface/VLAN/routing zonder stress.”
- Daarna: je gaat vooral sneller worden en dieper leren (BGP, security, design)
Het omslagpunt komt meestal wanneer je doorhebt dat VRP vooral draait om: structuur + views + display. Dan voelt het niet meer als “commando’s onthouden”, maar als “een systeem begrijpen”.
Samenvatting
De Huawei CLI (VRP) voelt professioneel, gestructureerd en gericht op controle. Je werkt met duidelijke modi (views), gebruikt veel display-commando’s om de status te begrijpen, en configureert in logische blokken.
In het begin is het vooral even wennen aan Huawei-terminologie, maar daarna wordt het juist comfortabel: je weet waar je bent, je weet wat je aanpast, en je kunt diep troubleshooting doen zonder dat het chaotisch wordt.
Als je netwerken serieus wilt leren, voelt Huawei CLI als een “echte” werkplek: niet gemaakt om mooi te zijn, maar gemaakt om betrouwbaar te beheren.